Sagalino

Felicitatieteksten · Sinterklaas

Een Sinterklaasgedicht schrijven, met voorbeelden

36 teksten in 6 groepen. Vrij te gebruiken.

Een Sinterklaasgedicht wordt hardop voorgelezen terwijl de surprise wordt uitgepakt. Het rijmt bijna altijd, meestal twee regels met elkaar, en het plaagt een beetje: persoonlijke details tellen meer dan mooie taal. Hier staan 36 gedichten en rijmpjes die we zelf hebben geschreven, van twee regels voor in de schoen tot vier regels met een plaagstootje. In Nederland vieren ook volwassenen mee; in Vlaanderen is Sinterklaas vooral een kinderfeest. Schrijf je liever zelf, dan vind je verderop vier stappen en drie valkuilen.

Korte rijmpjes voor in de schoen

Twee regels bij een klein cadeautje, of op het label van een pakje.

  • De Sint heeft dit jaar goed op jou gelet, / en dit heeft hij voor jou apart gezet.

  • Een wortel voor het paard, dat was lief bedacht, / dus kijk maar eens wat de Sint je heeft gebracht.

  • In je schoen lag een tekening voor het paard, / en dat was de Sint wel een pakje waard.

  • Je poetste je tanden, meestal zonder zeuren, / dus mag je vandaag dit pakje openscheuren.

  • Van de Sint, met een knipoog en een lach: / pak maar uit, vandaag is jouw dag.

  • Er ging vannacht iets door de schoorsteen naar beneden, / pak het maar uit, dan weet je meteen de reden.

Voor een jong kind, lief en vrolijk

Vier regels die een kleuter kan volgen, met iets wat het kind echt deed.

  • Lieve Noor, de Sint heeft het gezien: / je groeide dit jaar een centimeter of tien. / Je telt al tot twintig en fietst op je eigen, / dus mag jij als eerste dit pakje krijgen.

  • Het paard liep over het dak, heel zacht, / de Sint keek naar binnen, midden in de nacht. / Hij zag een kind dat lekker lag te slapen, / en legde dit pakje neer, zonder te gapen.

  • Daan bouwt graag torens, hoog en breed, / tot alles omvalt, en dat doet hem dan leed. / De Sint dacht: daar moet iets op gevonden, / en heeft dit pakje naar Daan gezonden.

  • Je zong elke avond bij je schoen een lied, / en de Sint, die hoorde het, dat wist je niet. / Nu ligt er een pakje, met een strik erop, / voor de beste zanger: pak het uit, en hop!

  • Soms ben je boos en stamp je heel hard, / maar je troost ook je zusje, met heel je hart. / De Sint vindt dat mooi, en wil het je zeggen: / dit pakje mag je vannacht naast je bed leggen.

  • Je knuffel heet Beer en gaat overal mee, / naar school, naar oma en zelfs naar zee. / De Sint dacht: Beer verdient ook een verhaal, / dus pak maar uit, en lees het allemaal.

Met een plaagstootje, voor een ouder kind

Een Sinterklaasgedicht plaagt een beetje: met een kleine gewoonte of een missertje van dit jaar.

  • Je kamer, zo zegt men, is een wonderlijk oord, / waar sokken verdwijnen en niemand iets hoort. / De Sint heeft gezocht, maar geen plekje was vrij, / dus zet hij dit pakje voorzichtig erbij.

  • Je gamet graag door, tot ver na achten, / “nog één level”, zeg je, “ik kan niet wachten”. / De Sint weet ervan, hij glimlacht en zwijgt, / en hoopt dat je voor dit pakje even pauze krijgt.

  • Je vergeet je gymtas, je jas en je brood, / maar nooit je fiets, en die is best groot. / De Sint dacht na: wat onthoud jij wel? / Een goed verhaal, dus hier is er een, en snel!

  • Je las dit jaar veel boeken, tot laat in de nacht, / met een zaklamp onder de dekens, heel zacht. / De Sint weet het allang, en zegt er niets van, / dus hier is er nog een, voor zo lang als het kan.

  • Je voetbalt graag, in de tuin en op straat, / al landt de bal soms bij de buren, als het niet gaat. / De Sint heeft het gezien en lachte zich een deuk, / en vond voor jou dit pakje, en dat is best leuk.

  • Je broer, zo hoorde de Sint, is soms een pest, / maar jij, zeg je zelf, bent eigenlijk de best. / De Sint kiest geen kant, dat doet hij nooit, / hij heeft voor jullie allebei een pakje gestrooid.

Bij een boek als cadeau

Als er een boek in het pakje zit, en zeker een boek waarin het kind zelf de hoofdrol speelt.

  • Dit boek is anders dan de rest in de kast: / de held heeft jouw naam, en die past. / Lees het vanavond, en lees het maar vaak, / want dit verhaal is helemaal jouw zaak.

  • De Sint zocht een boek, van hoog tot laag, / met draken en ridders, dat wou hij graag. / Hij vond het niet, dus liet hij er een maken, / met jou als de held, tussen ridders en draken.

  • Wie erin bladert, ziet een bekend gezicht: / jouw neus, jouw haar, jouw lach in het licht. / De Sint las het zelf, wel een keer of tien, / nu is het van jou, laat het iedereen zien.

  • Een boek voor de avond, als het licht uit moet, / nog één bladzijde lezen, dan is het goed. / De Sint doet het ook, zo laat in het jaar: / nog één bladzijde, en dan is hij klaar.

  • Je leest nog niet zelf, dat komt nog wel, / maar voorlezen kan, en dat gaat snel. / Papa leest voor en jij wijst de plaatjes aan, / want op elke bladzijde zie je jezelf staan.

  • Er ging vannacht een pakje door de schoorsteen, / plat en vierkant, en zwaar als een steen. / Wat zou het zijn? Een boek, dat raad je vast, / maar welk boek? Een boek waarin jij past!

Voor de grote mensen in huis

In Nederland vieren volwassenen mee, met gedichten en surprises: hier mag het plagen iets steviger.

  • Papa staat graag in de keuken, met schort en met pan, / en de rookmelder weet dan: daar gaan we dan. / De Sint lachte hard en dacht even na, heel even, / en heeft papa dit pakje met een kookboek gegeven.

  • Mama zoekt elke ochtend haar sleutels en tas, / en vindt ze pas terug waar ze gisteren al was. / De Sint heeft gezocht en ook iets gevonden: / dit pakje, met de sleutels er alvast aan gebonden.

  • Oma breit sokken, in rood en in groen, / voor iedereen in huis, dat moet ze gewoon doen. / De Sint kreeg er ook een, al paste hij niet, / dus brengt hij voor oma dit pakje, met een lied.

  • Je werkt veel, zegt de Sint, zelfs op zaterdag, / met je laptop op schoot, van ochtend tot middag. / Dus bracht hij iets anders, dat je niet hoeft te laden: / een boek om te lezen, zonder stekkers of draden.

  • De hele maand at jij pepernoten, stiekem en snel, / uit de trommel op de kast, dat weet de Sint wel. / Hij zegt er niets van, hij snoept zelf ook graag, / dus zit er een nieuwe trommel in dit pakje, vandaag.

  • Je zingt onder de douche, en niet bepaald zacht, / de hele straat kent je lied, van ochtend tot nacht. / De Sint vond het prachtig, al was het wat lang, / dus brengt hij een pakje: een boek over zang.

Om af te sluiten

De laatste twee regels, als je het gedicht rond wilt maken.

  • Dit was het gedicht, het is nu gedaan, / pak maar uit, de Sint moet weer verder gaan.

  • Groetjes van de Sint, het paard zegt ook gedag, / en wenst je veel plezier met wat je nu uitpakken mag.

  • Tot volgend jaar, zet je schoen maar weer klaar, / de Sint vergeet je niet, echt waar.

  • Met een groet van de Sint, en een knipoog erbij: / dit rijmpje was voor jou, en het pakje ook, van mij.

  • Het rijmen ging moeizaam, de Sint is al grijs, / dus pak nu maar gauw uit, dat is voor hem de prijs.

  • Zo, dat was het, lees het nog eens na, / en zeg straks tegen de Sint: dank je wel, hoera!

Schrijf je eigen opdracht in vier stappen

  1. Verzamel drie dingen van dit jaar

    Een hobby, een gewoonte, een klein missertje. Een Sinterklaasgedicht leeft van persoonlijke details, niet van mooie woorden.

  2. Rijm twee regels met elkaar

    Meestal rijmen regel een en twee, en dan drie en vier. Het rijm mag eenvoudig zijn: “gezet” op “gelet”, “paard” op “waard”.

  3. Houd de regels ongeveer even lang

    Dan leest het gedicht als een liedje, en struikelt niemand die het hardop voorleest.

  4. Plaag met een glimlach, en eindig lief

    Een plaagstootje hoort erbij, maar het moet leuk blijven voor wie het hoort. Eindig met iets aardigs, of met een verwijzing naar het pakje.

Valkuilen om te vermijden

  • Plagen dat pijn doet

    Een gedicht wordt hardop voorgelezen, waar iedereen bij is. Een grapje over uiterlijk, een gevoelig punt of iets waar iemand zich voor schaamt, is dan niet grappig meer.

  • Te lang voor een kind

    Een kleuter luistert naar vier regels, niet naar veertig. Voor jonge kinderen is kort en lief genoeg.

  • Rijm dat wringt

    Een zin die je omdraait om te laten rijmen, hoor je meteen. Liever een eenvoudig rijm op een gewoon woord.

Veelgestelde vragen

Hoe schrijf je een Sinterklaasgedicht?
Verzamel een paar persoonlijke dingen van het afgelopen jaar, rijm twee regels met elkaar, houd de regels ongeveer even lang en plaag een beetje, met een glimlach. Eindig lief, of met een verwijzing naar het pakje.
Moet een Sinterklaasgedicht rijmen?
Bijna altijd wel: meestal rijmen twee regels die op elkaar volgen. Het rijm mag eenvoudig zijn; persoonlijke details tellen meer dan mooie taal.
Hoe lang is een Sinterklaasgedicht voor een kind?
Voor een jong kind zijn vier regels genoeg, voor in de schoen zelfs twee. Voor oudere kinderen en volwassenen mag het langer, zolang het hardop voorgelezen goed te volgen is.
Mag ik deze gedichten gebruiken?
Ja. We hebben ze zelf geschreven, en je mag ze overnemen en aanpassen. Vervang de namen en de details door die van jouw kind, dan wordt het echt zijn gedicht.

Alle gedichten op deze pagina zijn geschreven voor Sagalino en mag je vrij gebruiken, zonder ons te noemen. Neem ze over, pas ze aan of schrijf ze op het pakje zonder te vragen.

Bronnen

Zodat de opdracht een herinnering wordt

Een boek waarin het kind de hoofdpersoon is, wordt jarenlang bewaard en herlezen. Lees gratis het hele verhaal en betaal pas daarna.

Ook om te lezen: felicitatieteksten voor een geboorte, felicitatieteksten voor een doop, felicitatieteksten voor een verjaardag, felicitatieteksten voor een eerste communie. Of bekijk alle gelegenheden.